God of Allah?

Een paar dagen geleden zorgde de bisschop van Breda, mgr. Muskens, voor enige opschudding, toen hij de vraag opwierp waarom we God ook niet Allah zouden kunnen noemen (zie het bericht op Katholieknederland.nl). Allah is immers het Arabische woord voor God en het gebruik daarvan zou onze ver- bondenheid met moslims kunnen uitdrukken.

Verschillen
Mgr. Muskens zag zelf wel in dat zoiets niet heel snel of gemakkelijk zou gaan, maar desondanks heeft hij hiermee de indruk gewekt als zouden God en Allah ‘hetzelfde’ zijn. Christenen en moslims belijden weliswaar samen het geloof in de God van Abraham, maar in later tijd zijn er grote verschillen ontstaan in de manier waarop beide religies tegen hun God aankijken.

Drie-Eenheid
Christenen kennen hun God namelijk niet louter als een almachtige monarch, zoals doorgaans de moslims, maar hebben God ook leren kennen in de Persoon van Jezus en in de Persoon van de Heilige Geest. Voor ons is God niet alleen een scheppende Vader, maar ook de mensgeworden Zoon en de Geest die bij ons blijft!

Ruimer
Het christelijke en katholieke beeld van God als een Drie-eenheid is een Gods- beeld dat ruimer is dan dat van de Joden ende Moslims. Wij hebben God mogen leren kennen als Iemand die tegelijk eenheid en veelheid is, als Iemand die niet inzichzelf gekeerd is, maar inzichzelf op Anderen gericht is.

Volmaking
Het beeld van de Drie-eenheid doet daarom ook geen afbreuk aanhet monothe- istische concept van de Ene God, maar vervolmaakt het:God is meer dan een eenheid, God is eenheid en veelheid tegelijk, Godstijgt zelfs boven onze concep- ten van eenheid en veelheid uit, op eenmanier die wij niet kunnen begrijpen en waarvan de Drie-eenheid nogslechts een magere vertolking is…

Advertenties

Charles Taylor

De katholieke Canadese filosoof Charles Taylor heeft dit jaar de prestigieuze Tem- pletonprijs gekregen.
Deze prijs is genoemd naar de Britse on- dernemer en filantroop sir John Templeton en wordt toegekend voor vooruitgang in de godsdienst en de dialoog tussen religie en wetenschap en levert de winnaar 1,2 mil- joen euro op.

Biografie
Charles M. Taylor werd in 1931 geboren in in Quxc3xa9bec, Canada en studeerde ge- schiedenis, filosofie en economie. Hij werd aangesteld als professor voor ethiek aan de Oxford University en vervolgens als professor voor filosofie aan de McGill University in Montrxc3xa9al.
Tegenwoordig is hij als emeritus-professor voor recht en filosofie verbonden aan de Northwestern University in Evanston, Illinois, USA. Hij heeft 10 boeken en tal- loze artikelen geschreven en is xc3xa9xc3xa9n van de zeldzame prominente filosofen die ook praktiserend katholiek zijn.

Achtergrond
Taylors denken sluit aan bij zijn grote voorgangers Wittgenstein, Heidegger en Merleau-Ponty. Zo stelt hij dat alles wat wij zeggen en doen pas betekenis krijgt tegen een achtergrond en een context die wij niet zelf hebben gemaakt of in de hand hebben. De omgeving bepaalt onze dagelijkse gewoonten en pas in tweede instantie kunnen wij daar kritisch naar kijken en ons daar bewust van worden.
Op grond hiervan wordt Taylor wel tot de filosofische stroming van het communi- tarisme gerekend, waarin het belang van sociale gemeenschappen en instituten wordt benadrukt.

Blinde vlek
Tayler betoogt voorts dat de scheiding tussen godsdienst en (natuur)wetenschap sinds de Verlichting heeft geleid tot een blinde vlek voor zedelijkheid en spiritua- liteit, waardoor wetenschappers niet meer in staat zijn om vat te krijgen op dat wat bepalend is voor de zin van het leven. En zonder dat zullen we ook niet in staat zijn om de grote problemen van deze tijd, zoals geweld, racisme en oorlog, op te lossen.

Het zelf
Zijn belangrijkste werk is ‘Sources of the Self: The Making of Modern Identity’ uit 1989, waarin hij het ontstaan van het moderne zelfbeeld onderzoekt. Hij stelt daarin dat in de Middeleeuwen God centraal stond, die aanbeden werd in een gemeenschappelijk verband waaraan het individu zijn of haar identiteit ontleende.
In de daaropvolgende 500 jaar vond er een langzame verschuiving plaats, die erin resulteerde dat tegenwoordig het "zelf" centraal is komen te staan, dat ieder voor zichzelf vorm dient te geven, door vooral "jezelf te zijn".
In de heersende liberale opvatting wordt dat "jezelf zijn" vooral voorgesteld als volledig onafhankelijk, ongebonden en vrij zijn, maar Taylor betoogt dat dat onmo- gelijk is, omdat je je eigen identiteit alleen kunt vormgeven ten opzichte en tegen de achtergrond van een sociale en culturele omgeving en achtergrond.

Regensburg revisited

In de nieuwste uitgave van het nieuwe opinieblad Opinio, staat nu een artikel over de rede die paus Benedictus XVI afgelopen zomer in Regensburg uitsprak en die toen tot grote verontwaardiging bij veel moslims heeft geleid.

Verrassend
Het lange, maar lezenswaardige artikel is van de hand van de Amerikaanse filo- soof Lee Harris, die betoogt dat de Paus in genoemde redevoering verrassend genoeg niet eens optreedt als de opperherder, die alle antwoorden heeft, maar meer als de Griekse filosoof Socrates, die alleen vragen stelde.

Rede
De eigenlijke vraag die de Paus in zijn redevoering stelde, was volgens Harris de vraag of de moderne westerse mens de rede wel op de juiste manier gebruikt. Of we de rede, het verstand, niet al te zeer beperkt hebben tot dat wat we op een wetenschappelijke manier kunnen meten of uitrekenen…

Onderscheid
Door slechts die dingen als het terrein van de rede te beschouwen en al het andere af te doen als irrationeel, subjectief of gevoelsmatig, hebben we namelijk geen ‘redelijk’ middel meer om een onderscheid te maken tussen een redelijk en een onredelijk godsbeeld, tussen een redelijke en een onredelijke religie…
En dan hebben we dus ook geen argumenten tegen mensen die menen dat het de wil van God of Allah is om hun geloof met geweld aan anderen op te leggen of andersgelovigen te doden…

Simonis en Heidegger

Vandaag is de aartsbisschop van Utrecht, Adrianus kardinaal Simonis, 75 jaar geworden. Dat is een hartelijke felicitatie waard. Maar tevens is het ook de leeftijd waarop bisschoppen hun ontslag aan de Paus dienen aan te bieden en dat heeft kardinaal Simonis dan ook reeds gedaan. In afwachting van de benoeming van zijn opvolger zal hij naar verwachting nog wel een ruim jaar in zijn ambt blijven.

Interview
Ter gelegenheid van deze verjaardaag heeft de kardinaal een kort radio-interview gegeven aan de KRO. Wat me daarbij opviel was dat hij zei dat het leven volgens Heidegger een sein zum Tode is, wat hijzelf echter niet als een ondergang, maar als een wedergeboorte ziet.

Heidegger
Het is opmerkelijk dat een eminent kerkleider als Simonis de naam van de Duitse filosoof Martin Heidegger (1889-1976) noemt. Dit niet zozeer omdat Heidegger omstreden is vanwege een korte inzet voor de Duitse Nazibeweging, maar vooral omdat hij een nogal moeilijke relatie met het Katholicisme heeft. Sommige behoudende katholieken zien Heideggers kritiek op de katholieke theologie als een aanval die veel kwaad heeft gedaan en onder meer antikatholieke denkers als Jean Paul Sartre gexc3xafnspireerd zou hebben.

Invloed
Heidegger was van goed katholieke huize (zijn vader was koster en hijzelf is mis- dienaar geweest en heeft o.a. theologie gestudeerd), maar heeft op een gegeven moment met de Kerk gebroken. Desondanks zijn velen van mening dat er in zijn werk veel katholieke invloeden te vinden zijn.
Hij had kritiek op de manier waarop de klassieke theologie God en het bovenna- tuurlijke als al te tastbaar voorstelde en zag dat in de lijn waarin volgens hem al sinds de Grieken de wereld en bovenwereld worden gezien als iets dat volledig te doorgronden en te beheersen valt.
Helemaal teruggaand tot de oudste Griekse denkers wil Heidegger aantonen dat dat een verkeerde insteek is, waardoor we onder meer het zicht op het "Zijn" zijn kwijtgeraakt.
Hieruit ontwikkelt Heidegger inzichten die een fundamenteel ander zicht op de werkelijkheid geven dan we in de afgelopen 2000 jaar gewend waren. Dit maakt hem tot xc3xa9xc3xa9n van de grootste westerse filosofen, wiens invloed op de filosofie en daarmee op alle terreinen van ons bestaan nauwelijks te overschatten valt.

Belangrijk
Ondanks de kritiek op de katholieke theologie zijn de inzichten van Heidegger ook voor de Kerk zeer waardevol. Niet alleen omdat zijn kritiek aanzet tot dieper nadenken, maar vooral ook omdat hij op een fundamentele manier afrekent met de objectivistische zienswijze waarmee het Verlichtingsdenken heeft geprobeert met geloof en Kerk onderuit te halen.
Daarmee biedt het denken van Heidegger een solide basis om ook vanuit gelovig standpunt de discussie met tegenstanders aan te gaan. Helaas is zijn denken tamelijk ingewikkeld en mede daarom bij slechts weinigen bekend, maar daarom is het wel verheugend om gehoord te hebben dat Heidegger tenminste bij iemand als Simonis bekend is.

Ten hemel schreiend

“Ten hemel schreiend” – dat zeggen we als iets vreselijk erg is, als het eigenlijk niet erger kan. Deze zegswijze stamt uit de Bijbel waarin op diverse plaatsen sprake is van zonden die ten hemel schreien (zie KKK, nr. 1867). In concreto gaat het daarbij om:

1. het bloed van Abel (Gen. 4,10):
En Hij zei: Wat hebt u gedaan? Hoor, het bloed van uw broer roept uit de grond naar Mij!
– Moord en meer in het bijzonder broedermoord.

2. de zonde van de Sodomieten (Gen. 18,20 en 19,13):
Daarom zei de heer: Luid stijgt de roep om wraak uit Sodom en Gomorra op! Uitermate zwaar is hun zonde!
– Homoseksuele handelingen.

3. de klacht van het verdrukte volk in Egypte (Ex. 3,7-10):
De heer sprak: Ik heb de ellende van mijn volk in Egypte gezien, de jammerklachten over hun onderdrukkers gehoord; Ik ken hun lijden. Ik ben afgedaald om hen te bevrijden uit de macht van Egypte, om hen weg te leiden uit dit land, naar een land dat goed en ruim is, een land dat overvloeit van melk en honing, het gebied van de Kanaxe4nieten, Hethieten, Amorieten, Perizzieten, Chiwwieten en Jebusieten. De roep van de Israëlieten is nu tot Mij doorgedrongen en Ik heb ook gezien hoe de Egyptenaren hen onderdrukken. Ga er dus heen, Ik zend u naar de farao. U moet mijn volk, de Israëlieten, uit Egypte leiden.
– Het onderdrukken van volkeren.

4. de klacht van de vreemdeling, de weduwe en de wees (Ex. 22,20-22):
U mag een vreemdeling niet slecht behandelen en hem het leven niet moeilijk maken, want u hebt zelf als vreemdeling in Egypte gewoond. Weduwen en wezen moet u geen onrecht aandoen. Als u hun tekort doet en hun klagen tot Mij opstijgt, dan zal Ik gehoor geven aan hun klagen.
– Onrecht tegen vreemdelingen, weduwen en wezen.

5. het onrecht tegenover de dagloner (Deut. 24,14-15):
Van een arme en behoeftige dagloner, een volksgenoot of een vreemdeling die in uw stad of in uw land woont, mag u het loon niet inhouden. Iedere dag moet u hem voor zonsondergang zijn loon uitbetalen, want hij is arm en ziet er verlangend naar uit. Anders roept hij de heer aan tegen u en rust er schuld op u.
– Het niet voorzien in de levensbehoeften van armen.

Selectief
Het is goed om deze ten hemel schreiende zonden eens op een rijtje te zetten, want vaak wordt de uitdrukking “ten hemel schreiend” nogal selectief gebruikt, dat wil zeggen noemt men slechts 1 bepaald iets ten hemel schreiend, zonder daarbij ook de andere zonden te noemen.
Zo noemen sommigen homoseksualiteit, anderen moord en weer anderen onrecht tegen vreemdelingen ten hemel schreiend, daarmee de indruk wekkend dat alleen dat ene genoemde het allerallerergste is…
Maar hoe effectief het ook moge zijn om het zo uit te drukken, het is maar één kant van de zaak, een halve waarheid: onrecht tegen vreemdelingen, moord en homoseksualiteit mogen stuk voor stuk grote zonden zijn, maar volgens de bijbelse traditie, is het één niet heel veel erger dan het ander. Alle vijf zijn het ten hemel schreiende zonden!

Onrecht
Daarom gaat het niet aan om te doen alsof slechts één van deze zonden alleen ten hemel schreiend is en met allerhoogste prioriteit zou moeten worden aangepakt en uitgebannen, maar moeten we ons richten op het aanpakken en, indien mogelijk, uitbannen van alle vijf de zonden…
Helaas is dat een stuk minder makkelijk dan wanneer we ons alleen maar op één bepaalde zonde focussen, vaak precies die zonde die het verst van ons bed is…
Daarom getuigen niet alleen de vijf genoemde zonden op zich van groot onrecht, maar zou het net zo goed een groot onrecht zijn om ons alleen op één van de vijf te richten en daarbij de anderen te verwaarlozen…

Katholieke Geloofsbelijdenis

In de vorige log zijn de traditionele geloofsbelijdenissen van de Kerk aan de orde gekomen: de Apostolische Geloofsbelijdenis en de Geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel.

Onvolledig
Daarbij werd geconcludeerd dat deze, hoewel ze een vaste plaats in de traditie en de liturgie van de Kerk hebben, niet volledig weergeven wat tot het katholieke geloof behoort. Omdat deze teksten uit de 2e, resp. 4e eeuw stammen, zijn namelijk alle nadien geformuleerde geloofspunten er niet in opgenomen of aan toegevoegd.

Eigen belijdenissen
Wel hebben bijna alle latere concilies een eigen geloofsbelijdenis (Lat.: Credo) opgesteld waarin de specifieke punten waren opgenomen waarover vergaderd en beslist werd. Toch zijn deze belijdenissen nooit opgenomen in de liturgie of hebben ze de bovengenoemde teksten vervangen. Ook paus Paulus VI (1963-1978) heeft op 30 juni 1968 een eigen geloofsbelijdenis, het “Credo van het volk van God“, uitgesproken waarin, naast de punten van de aloude belijdenis, ook alle nadien geformuleerde geloofspunten zijn opgenomen. Dit om te voorzien in de behoefte aan duidelijkheid omtrent wat het katholieke geloof inhoudt en om al of niet bewuste dwalingen en misverstanden recht te zetten.

Nieuwe belijdenis
Omdat deze tekst van paus Paulus VI tamelijk lang is, heb ik op basis daarvan zelf een geloofsbelijdenis samengesteld die, in de stijl van het traditionele Credo, alle belangrijke katholieke geloofspunten omvat. Deze tekst kan daarom de Katholieke Geloofsbelijdenis genoemd worden:

Ik geloof in de Drie-ene God, Vader, Zoon en Heilige Geest,
die waarlijk één, volmaakt heilig en zuiver liefde is;
waarvan de Vader schepper is van hemel en aarde
en van al wat zichtbaar en onzichtbaar is.

Ik geloof in Jezus Christus, onze Heer
die als eniggeboren zoon van de Vader God is
en die, ontvangen van de Heilige Geest
en geboren uit de maagd Maria, mens geworden is;
die geleden heeft onder Pontius Pilatus,
gekruisigd is, gestorven en begraven;
die neergedaald is ter helle, de derde dag verrezen uit de doden;
die opgestegen is ten hemel,
en zit aan de rechterhand van God de Almachtige Vader,
vanwaar hij zal komen oordelen de levenden en de doden;

Ik geloof dat door de menswording van Christus
het Woord is vlees geworden en onder ons is komen wonen;
dat daarmee tijd en ruimte geheiligd zijn,
en getuigen van het heil dat ons is verschenen.

Ik geloof dat door Zijn zuivere en volmaakte kruisoffer
Christus ons heeft verlost van al onze persoonlijke zonden,
alsmede van de erfzonde, die, door Adam begaan,
alle mensen heeft onderworpen aan gebrek en dood.

Ik geloof in de Heilige Geest,
die Heer is en helper en leven geeft;
die voortkomt uit de Vader en de Zoon,
die gesproken heeft door de profeten,
en de altijddurende bijstand van Gods Kerk is.

Ik geloof dat Maria, altijd maagd, als Moeder Gods
bewaard is gebleven van elke smet van de erfzonde;
en dat zij met lichaam en ziel in de hemel is opgenomen,
alwaar zij onze eerste voorspreekster is,
tesamen met de engelen, de heiligen en de zaligen
en alle anderen die reeds delen in de eeuwige gelukzaligheid.

Ik geloof in de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk,
die door Christus op de rots Petrus gegrondvest is
en die Zijn Mystiek Lichaam en de weg tot het heil is,
omvattende zowel de zielen in de hemel,
de gestorvenen die nog loutering behoeven,
alsook de zichtbare gemeenschap hier op aarde,
alwaar zij het pelgrimerende Volk van God
en de kiem van Zijn komende Rijk is;

Ik geloof dat Christus zijn apostelen gezonden heeft,
met de opdracht alle volkeren Zijn heil te verkondigen,
Zijn leer te onderrichten en Zijn volgelingen te heiligen;
en dat deze taken in volheid toekomen aan de bisschoppen die,
zoals verenigd rondom de Paus als opvolger van Petrus,
de rechtstreekse en rechtmatige opvolgers van de apostelen zijn.

Ik geloof dat daarom aan de bisschoppen afzonderlijk,
en aan hen gezamelijk, authentiek leergezag toekomt
om te onderrichten en te beslissen over wat wij hebben te geloven
vanuit de geschreven Openbaring en de overgeleverde Traditie;
en dat daarbij aan de Paus, wanneer hij ex cathedra spreekt,
alsmede aan het met hem verenigde college van bisschoppen,
onfeilbaarheid toekomt.

Ik geloof dat de sacramenten, die aan de Kerk zijn toevertrouwd
en die wij uit handen van de bisschoppen en de priesters mogen ontvangen,
de werkzame tekenen van de heilzame genadegaven van Christus zijn,
die ons op onze aardse levensweg inleiden, sterken en genezen.

Ik geloof dat in de viering van de Heilige Eucharistie,
het kruisoffer door de priester tegenwoordig wordt gesteld
en dat daarbij brood en wijn daadwerkelijk
Lichaam en Bloed van Christus worden en blijven,
opdat wij door communie kunnen deelhebben
aan Zijn verlossende levenswerk
en zo volmaakter worden wat wij zijn: Lichaam van Christus.

Ik geloof in het eeuwig leven waarin onze ziel,
direct, of na loutering wordt opgenomen;
en in de verrijzenis van het lichaam,
wanneer op de dag van de opstanding
de ziel weer met het lichaam verenigd wordt.

Amen.

Gebruik
Deze bovenstaande geloofsbelijdenis is in de eerste plaats bedoeld om een meer compleet overzicht te geven van de katholieke geloofspunten. Hij is dan ook niet zozeer bedoeld voor gebruik in de liturgie, waarvoor hij ook te lang en te complex is, maar veel meer voor catechese en eventueel meditatie. Ook heb ik geenszins de pretentie gehad om met mijn versie de oude geloofsbelijdenissen te vervangen of daar iets aan af te doen.

Geloofsbelijdenis

De kern van het katholieke geloof wordt in de eerste plaats uitgedrukt door de geloofsbelijdenis (Lat.: Credo). Deze tekst wordt gebruikt om het geloof uit te leggen en om het plechtig te belijden in het kader van de liturgie.
Er bestaan diverse varianten van de geloofsbelijdenis, maar de bekendste en meest gebruikte zijn de zgn. Apostolische Geloofsbelijdenis (Lat.: Symbolum Apostolicum) en de Geloofsbelijdenis van Nicea.

Apostolische Geloofsbelijdenis
De Apostolische Geloofsbelijdenis is het kortst en is reeds tegen het eind van de 2e eeuw geformuleerd. De tekst luidt als volgt:

Ik geloof in God de Almachtige Vader,
Schepper van hemel en aarde
En in Jezus Christus, zijn enige geboren Zoon, onze Heer
Die ontvangen is van de Heilige Geest
Geboren uit de maagd Maria
Die geleden heeft onder Pontius Pilatus
Gekruisigd is, gestorven en begraven
Die neergedaald is ter helle,
De derde dag verrezen uit de doden
Die opgestegen is ten hemel,
En zit aan de rechterhand van God de Almachtige Vader
Vanwaar hij zal komen oordelen
De levenden en de doden
Ik geloof in de Heilige Geest
De heilige katholieke Kerk
De gemeenschap van de Heiligen
De vergiffenis van de zonden
De verrijzenis van het lichaam
En het eeuwig leven.
Amen.

Geloofsbelijdenis van Nicea
De Geloofsbelijdenis van Nicea is een langere versie, die tot stand gekomen is op het concilie van Nicea in het jaar 325 en op het concilie van Constantinopel in 381 is aangepast. De volledige tekst luidt:

Ik geloof in xc3xa9xc3xa9n God de almachtige Vader
Schepper van hemel en aarde,
van al wat zichtbaar en onzichtbaar is.

En in xc3xa9xc3xa9n Heer, Jezus Christus,
eniggeboren Zoon van God,
vxc3xb3xc3xb3r alle tijden geboren uit de Vader.
God uit God, licht uit licht,
ware God uit de ware God.
Geboren, niet geschapen,
xc3xa9xc3xa9n in wezen met de Vader,
en door wie alles geschapen is.
Hij is voor ons, mensen, en omwille van ons heil
uit de hemel neergedaald.

Hij heeft het vlees aangenomen
door de heilige Geest uit de Maagd Maria
en is mens geworden.
Hij werd voor ons gekruisigd,

Hij heeft geleden onder Pontius Pilatus
en is begraven

Hij is verrezen op de derde dag,
volgens de Schriften.

Hij is opgevaren ten hemel:
zit aan de rechterhand van de Vader.

Hij zal wederkomen in heerlijkheid
om te oordelen levenden en doden
en aan zijn rijk komt geen einde.

Ik geloof in de heilige Geest
die Heer is en het leven geeft
die voortkomt uit de Vader en de Zoon;
die met de Vader en de Zoon
tezamen wordt aanbeden en verheerlijkt;
die gesproken heeft door de profeten.

Ik geloof in de ene, heilige, katholieke en apostolische kerk.
Ik belijd xc3xa9xc3xa9n doopsel tot vergeving van de zonden.
Ik verwacht de opstanding van de doden
en het leven van het komend rijk.

Amen.

Incompleet
Deze geloofsbelijdenissen zijn onder katholieken dermate bekend en vertrouwd, dat het menigeen niet of nauwelijks opvalt dat ze eigenlijk tamelijk incompleet zijn. Na de 4e eeuw is er niets meer aan toegevoegd of gewijzigd, terwijl nadien een heel aantal leerstukken tot ontwikkeling zijn gekomen. Goed beschouwd ontbreken in deze geloofsbelijdenissen alle typisch rooms-katholieke geloofs- punten, zoals bijv. de rol van Maria, de heiligen, de sacramenten, de Eucharistie, het Pausschap e.d.

Verschillen
Daarom is het niet verwonderlijk dat bijna alle christelijke kerken, zowel orthodoxen als protestanten deze beide geloofsbelijdenissen, afgezien van enkele kleine verschillen, gebruiken. Daarmee drukken deze teksten weliswaar uit wat zij gemeenschappelijk hebben (en zijn daarmee een basis voor oecumene), maar niet waarin zij zich van elkaar onderscheiden. Dat terwijl het toch de verschillen zijn, die ertoe hebben geleid dat het Christendom zo verdeeld is geraakt…

Links
Voor een overzicht van alle christelijke geloofsbelijdenissen: www.creeds.net
– Voor achtergrond: Waarom handhaven wij een ‘onvolledige’ geloofsbelijdenis?