Hosties klaarleggen

In sommige kerken en kapellen is het de bedoeling dat de gelovigen vxc3xb3xc3xb3r het begin van de Eucharistieviering zelf hun ‘eigen’ hostie klaarleggen.

Daartoe staan dan op een tafeltje vooraan in de kerk of kapel twee schalen of cibories, waarvan de linker gevuld is met ongeconsecreerde hosties en de rechter leeg is. Elke gelovige die ter communie wil gaan, moet dan (met een speciale tang of lepel) xc3xa9xc3xa9n hostie uit de gevulde schaal/ciborie pakken en die in de lege leggen. Die laatste schaal/ciborie zal dan naar het altaar worden gebracht om de daarin liggende hosties tijdens de mis te consecreren. Op deze wijze zijn er dan precies evenveel hosties als communicanten.

In de meeste kerken gaat het echter anders: daar worden de ongeconsecreerde hosties vooraf door de koster in een schaal of ciborie gedaan aan de hand van een schatting van het aantal kerkgangers. Na de mis blijven er dan meestal ge- consecreerde hosties over. Die worden dan in het tabernakel bewaard.
Dat er hosties overblijven gebeurt vaak bewust om ze later te kunnen uitreiken tijdens een woord- en communieviering. Die worden immers voorgegaan door niet- gewijde pastorale werkers, die dus geen consecratie kunnen verrichten en waar- door men een voorraadje eerder geconsecreerde hosties nodig heeft.

Het door de kerkgangers zelf klaarleggen van hosties komt daarom vooral voor in kerken waar altijd eucharistievieringen plaatsvinden (en dus geen grotere voorraad nodig is) en in kapellen waar geen tabernakel is (en dus geen overgebleven hos- ties bewaard kunnen worden). Daarnaast komt het ook voor in kloosterkapellen en bij eucharistievieringen waarbij het aantal communicanten vooraf moeilijk in te schatten valt, zoals bij een uitvaartmis.

Naast al deze praktische redenen is er echter ook een goede liturgische reden om kerkgangers zelf een hostie te laten klaarleggen. De hosties die klaarliggen gaan namelijk tot Lichaam van Christus geconsecreerd worden.
Wanneer je dus vooraf zo’n hostie voor jezelf klaarlegt, dan geeft dat aan dat je ook deel wilt gaan worden van dat Lichaam, dat je wil leven in Zijn navolging en met Hem wilt sterven en verrijzen. Het zelf klaarleggen (i.p.v. door de koster) is dan een uitdrukking van je persoonlijke keuze voor die Weg.
Tenslotte wordt op deze manier nog voor de aanvang van de mis benadrukt waar het allemaal om draait, namelijk om Christus, die voor ons gestorven en verrezen is, maar reeds voor alle tijden bij de Vader was, Alpha en Omega is!

Advertenties

Jubilea paus Benedictus XVI

Vandaag viert paus Benedictus XVI zijn 80e ver- jaardag en komende donderdag 19 april is het precies 2 jaar geleden dat hij tot Paus gekozen werd.
Deze heugelijke feiten worden deze week op diver- se plechtige en feestelijke manieren herdacht en zijn tevens wederom aanleiding voor een terugblik op zijn pontificaat.

Tweesporenbeleid
Aanvankelijk vroeg men zich af of en hoe de introverte en geleerde kardinaal Ratzinger het pausschap zou invullen na zijn zo extraverte en charismatische voorganger Johannes Paulus II.
Inmiddels kunnen we zeggen dat Benedictus XVI een ‘tweesporenbeleid’ lijkt te hebben, dat inhoudelijk intellectueel en uiterlijk traditioneel is:

Inhoudelijk intellectueel
De intellectuele benadering van paus Benedictus XVI bleek al uit de vele boeken die hij heeft geschreven toen hij nog kardinaal Ratzinger was en waarvan diverse nu opnieuw gepubliceerd zijn. Ook zijn eerste encycliek, Deus Caritas Est uit 2005, is een alom geprezen en verrassend filosofische verhandeling over de Liefde Gods.
Voor de nodige ophef zorgde de lezing die hij in de zomer van 2006 in Regens- burg hield over geloof en rede. Sommige moslims namen aanstoot aan een tame- lijk hard citaat, maar veel Westerse intellectuelen hebben paus Benedictus ge- prezen om de manier waarop hij ons God als Logos, als verstandelijke redelijk- heid voorstelt (zie ook mijn eerdere log Regensburg revisited).

Uiterlijk traditioneel
Waar intellectuelen zich meestal concentreren op het inhoudelijke en het gees- telijke, geeft paus Benedictus XVI, vanuit een goed inzicht in de katholieke ver- bondenheid van lichaam en geest, ook de nodige aandacht aan de uiterlijke as- pecten van zijn ambt en van de liturgie.
Zo heeft hij geheel onverwacht de aloude pauselijke koorkledij weer in gebruik genomen (zie o.a. mijn eerdere log De pauselijke rode hoed) en zal binnenkort een motu proprio verschijnen, waardoor er meer ruimte komt voor het vieren van de H.Mis volgens de zogeheten Tridentijnse ritus, zoals die gold vxc3xb3xc3xb3r de liturgie- hervorming uit de jaren ’60.