Priesterschap & Homoseksualiteit II

Gisteren, 29 november, heeft het Vaticaan de lang verwachte en reeds op voorhand omstreden instructie gepubliceerd over de toelating van mensen met homoseksuele neigingen tot het priesterschap.
Nadat eerder al enkel passages en uiteindelijk zelfs het gehele stuk was uitgelekt, is er al enkele weken weer veel ophef over de instructie zelf en over het vraagstuk van homoseksualiteit binnen de Katholieke Kerk in het algemeen.
Nu de definitieve tekst bekend is (zie dit uittreksel – voorlopig nog niet in het Nederlands) blijkt dat de de richtlijnen minder streng zijn, dan men enkele maanden geleden nog verwachtte.

Inhoud
De kern van deze instructie is dat:"De Kerk kan, hoewel ze de personen in kwestie ten diepste respecteert, tot de priesteropleiding of de heilige wijdingen niet diegenen toelaten die homoseksualiteit praktiseren, diepgewortelde homoseksuele neigingen vertonen of de zogeheten homocultuur steunen.”
In het geval dat homoseksuele neigingen slechts de uitdrukking zijn van een voorbijgaand probleem, bijvoorbeeld dat van een nog niet voltooide puberteit, kan toch tot priesterwijding worden overgegaan als: "zulke neigingen drie jaar voor de diakenwijding duidelijk zijn overwonnen.”
Voor de keuze voor het priesterschap geldt:
"Als een kandidaat homoseksualiteit praktiseert of diepgewortelde homoseksuele neigingen vertoont, heeft zowel zijn geestelijk leidsman als zijn biechtvader de plicht om hem er in geweten van te weerhouden de weg in de richting van de wijding te vervolgen.”
Daarbij geldt: "Het zou uiterst oneerlijk zijn als een kandidaat zijn homoseksualiteit zou verbergen om ondanks alles de weg in de richting van de wijding te vervolgen.”

Nieuw element
Hoewel deze instructie wat milder is dan verwacht, zit er toch een niet onbelangrijke nieuw element in, namelijk dat ook mannen met "diepgewortelde homoseksuele neigingen" niet meer mogen worden toegelaten. Tot nu toe was het zo dat ongeacht iemands geaardheid of neigingen, men priester kon worden, mits men zich maar aan het celibaat hield, d.w.z. geen relatie aanging en geen seksuele handelingen verrichte.

Reden
Als belangrijkste reden voor deze nieuwe eis wordt aangevoerd:
"Zulke personen bevinden zich in feite in een situatie die hen sterk belemmert om correcte relaties met mannen en vrouwen te onderhouden. Men moet op geen enkele wijze de negatieve gevolgen over het hoofd zien van het wijden van personen met diepgewortelde homoseksuele neigingen.”

Bescherming
Waarschijnlijk is het inderdaad voor niemand goed als een priester ‘geplaagd’ wordt door diepgewortelde seksuele neigingen. Niet voor zijn parochie, maar ook niet voor hemzelf. Hoe sterker zulke neigingen, hoe moeilijker het zal zijn om ze, volgens de aloude celibaatsverplichting, te beheersen… Daarom kan deze instructie mede gezien worden als een maatregel om priesterkandidaten tegen zichzelf in bescherming te nemen.

Praktisch probleem
Desondanks wordt hiermee tegelijk wel een nieuw probleem opgeroepen, namelijk dat van hoe beoordeeld moet worden, hoe diepgeworteld een seksuele neiging in een bepaald geval precies is, danwel welke mate van neiging er nog aanwezig mag zijn op het moment van de diakenwijding.
Moeten op dat moment alle homoseksuele neigingen overwonnen zijn, of alleen diepgewortelde? En hoe valt dat te beoordelen? De instructie zegt dat de kandidaat daar tegenover zichzelf en tegenover zijn biechtvader eerlijk in moet zijn. Dat zal echter moeilijker zijn naarmate men verder in de opleiding gevorderd en/of de neiging zwakker (geworden) is… Deze afweging zal in de praktijk van geval tot geval gemaakt moeten worden.

Imagoschade
Hoe noodzakelijk en nuttig deze nieuwe instructie ook moge zijn, zij heeft het imago van de Kerk geen goed gedaan. Zoals te verwachten was, zijn de media er gretig mee aan de haal gegaan en heeft men over het algemeen het beeld gekregen, dat de Kerk homo’s nog meer dan voorheen discrimineert en uitsluit.
Weliswaar staat, geheel in lijn met de Katechismus, in de instructie ook: "Diepgewortelde homoseksuele neigingen, die bij een aantal mannen en vrouwen voorkomen, zijn ook objectief ongeordend en vormen voor dezelfde mensen vaak een beproeving. Zulke personen moeten met respect en gevoeligheid worden geaccepteerd. Elk teken van onterechte discriminatie jegens hen moet worden voorkomen."

Eenzijdigheid
Maar die passage wordt door de meeste media niet opgepikt en wordt helaas door een jammerlijke eenzijdigheid in het stuk zelf ook niet echt waargemaakt. In de instructie gaat het namelijk alleen maar om "diepgewortelde homoseksuele neigingen" en dat terwijl die niet minder belemmerend voor een celibatair priesterschap zijn, dan diepgewortelde heteroseksuele neigingen…
Hoewel op zich homoseksualiteit als tegennatuurlijk geldt en heteroseksualiteit niet, maakt het voor de vervulling van het priesterschap weinig of niets uit, of de persoon in kwestie nu geplaagd wordt door diepgewortelde homo-, danwel door heteroseksuele neigingen. Allebei zullen ze evenzeer  beheersd of zelfs overwonnen moeten worden!

Discriminatie
Doordat deze instructie nu te probeert te verkomen dat kennelijk alleen mannen met diepgewortelde homoseksuele neigingen niet tot het priesterschap worden toegelaten, wordt helaas de suggestie gewekt dat alleen hun seksuele neigingen een potentieel probleem zijn. Dat terwijl zulke neigingen moreel gezien op zich niet zondig zijn.
Bovendien zijn ook (al dan niet diepgewortelde) heteroseksuele neigingen, die niet op de juiste vrouw gericht zijn, net zo goed een gevaar voor het ethisch juiste handelen. Door homoseksuele neigingen in deze instructie niet in xc3xa9xc3xa9n adem te noemen met vergelijkbare heteroseksuele neigingen, lijkt er hier sprake te zijn van een vorm van onterechte discriminatie, die volgens de Katechismus xc3xa9n volgens de geciteerde passage in het stuk zelf, eigenlijk voorkomen had moeten worden…

Leer en leven
Tenslotte is het goed om in dit verband te wijzen op een belangrijk principe uit de katholieke moraaltheologie, namelijk dat van het onderscheid tussen leer en leven, tussen de objectieve en de subjectieve moraal:
– De objectieve moraal bestaat uit de leer en de regels die de Kerk ons voorhoudt;
– De subjectieve moraal bestaat uit het concrete handelen zoals iemand dat vanuit zijn geweten en tegenover God denkt te kunnen verantwoorden. Hierbij kunnen iemands intentie en de omstandigheden van het geval de zondigheid van een handeling verzachten en verminderen (maar soms ook verzwaren!).
Dit is een algemeen principe en is dus ook op homoseksualiteit van toepassing. Dat betekent dat waar de Kerk, volgens de objectieve moraal, leert dat homoseksuele handelingen een zware zonde zijn, ze in concrete individuele gevallen, volgens de subjectieve moraal, veel minder zwaar zondig kunnen zijn…

Terughoudendheid
Omdat wij als buitenstaanders nooit zicht hebben op de precieze bedoelingen en omstandigheden van iemands handelingen, kunnen en mogen wij daarover ook geen oordeel uitspreken. Als katholieken kunnen wij instemmen met wat de Kerk ons leert, maar dat geeft ons nog niet het recht om over anderen te oordelen, hoe afkeurens- waardig wij sommige handelingen misschien ook vinden… want "wie zonder zonde is…"

(Zie ook de eerdere logs: Priesterschap & homoseksualiteit? en Homoseksua- liteit)

Advertenties

Eerste zondag van de Advent

Vandaag is het de eerste zondag van de Advent, de periode van bezinning en voorbereiding op de geboorte van de Heer op het feest van Kerstmis!

Tevens begint vandaag het nieuwe kerkelijke jaar. Het vorige kerkelijke jaar is afgelopen zondag afgesloten met het feest van Christus, Koning van het Heelal.

Een oude adventstraditie is het in de kerk en de huiskamer neerzetten of hangen van een adventskrans van versierde groene takken met daarin 4 kaarsen, waarvan er elke zondag eentje extra wordt aangestoken.

Voor computergebruikers is er tegenwoordig ook een fraaie virtuele adventskrans. Deze kan bij Desktop-fun.net gedownload worden en verschijnt dan op het eigen computerscherm. Elke zondag zal automatisch een extra kaars branden!

Kruisbeeld in de rechtzaal

Zo nu en dan is er in het buitenland ophef over het feit dat er in katholieke landen een kruisbeeld in rechtzalen hangt. Niet-katholieke of niet-gelovige burgers of zelfs rechters nemen daar dan aanstoot aan en beroepen zich daarbij op een scheiding van Kerk en staat e.d.

Toch vervult een kruisbeeld in een rechtbank een zeer belangrijke rol: het herinnert namelijk alle betrokkenen aan het feit dat onze aardse rechtspraak ‘slechts’ onvolmaakt mensenwerk is. Het spoort de rechters, de officier van justitie en de advocaten aan tot nederigheid en verantwoordelijkheidsbesef, de veroordeelde tot berouw en bied de slachtoffers troost.

Het beeld van de gekruisigde Christus laat zien hoe God zich met de lijdende mens vereenzelvigt en hoe Hij daardoor de mensheid heeft verlost van schulden die wij zelf niet kunnen inlossen en hoe Hij ons heling biedt voor wonden die wij zelf niet kunnen helen!

Pas in dat besef van onze eigen beperktheid en daarmee in dat van wat niet aan ons, maar aan God is, komt de menselijke waardigheid meer en principieler naar voren, dan in welk wetboek of verdrag met grond- of mensenrechten dan ook…

Kritiek op de Paus…?

Hoe vaak valt er wel niet kritiek op de Paus of op zijn uitspraken te horen en te lezen…? Vooral als hij weer eens iets gezegd heeft over zaken zoals abortus, euthanasie of homoseksualiteit staat dat (veel te) groot in de krant en haasten de meeste Nederlanders zich om hun afkeer of zelfs walging van Paus, Kerk, Katholicisme of gewoonweg religie in het algemeen kenbaar te maken…

Is zulke kritiek op de Paus terecht…? Laten we eerst eens kijken naar hoe het werkelijk zit:
De Paus is een religieus (wereld)leider en doet alszodanig drie soorten uitspraken:

1. Uitspraken over de inhoud van de geloof – Deze zullen niet-gelovigen niet of nauwelijks iets zeggen en daarom ook niet interessant zijn. Kritiek op zulke uitspraken komt hooguit van theologen of kritische katholieken zelf.

2. Uitspraken over sociaal-maatschappelijke dingen – Deze betreffen in de meeste gevallen dingen, waar de meeste mensen het wel mee eens zullen zijn. Zo hebben de Pausen zich bijv. steeds tegen oorlog en onderdrukking, tegen armoede en voor eerlijke verdeling van welvaart, voor solidariteit met armen en minderbedeelden uitgesproken.

3. Uitspraken over ethische en morele kwesties – Deze roepen altijd de meeste weerstand, kritiek en afkeuring op, omdat de Paus hierbij vaak zaken als abortus, euthanasie, homohuwelijk e.d. veroordeelt, zaken die in Nederland inmiddels gelegaliseerd en toegestaan zijn en die vele Nederlanders als ‘verworvenheid’ en product van onze ontwikkeling zien.

Juist omdat laatstgenoemde uitspraken zoveel weerstand oproepen, wordt er in de media, sensatiebelust als die zijn, steeds (overdreven grote) nadruk op gelegd, terwijl van andere pauselijke uitspraken, bijv. op sociaal-maatschappelijk gebied niet of nauwelijks iets te lezen valt…

Alternatief
Nu zijn er ook religieuze leiders die wel sociaal-maatschappelijke uitspraken doen, maar geen ethische of morele. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Dalai Lama. De Dalai Lama is echter een boeddhistisch leider en aangezien die religie veel ‘passiever’ is dan het Christendom, kunnen vandaaruit ook weinig krachtige uitspraken op het gebied van de persoonlijke moraal verwacht worden.

Geestelijk leiderschap
Desondanks is de positie c.q. de houding van iemand als de Dalai Lama toch ietwat slap en halfslachtig. Een geestelijk leider moet mensen geestelijk (bege)leiden en dat doe je niet door mensen naar de mond te praten, dingen goed te praten of door de vingers te zien…
Geestelijk leiderschap mag en moet naar mijn mening best streng zijn, mag en moet de mensen aan het denken zetten, niet alleen over de sociaal-maatschappelijke zaken, maar ook en vooral over hun eigen denken en handelen, hun eigen opvattingen en hun eigen moraal… Het verbeteren van de wereld begint bij je zelf!

Juist in deze tijd waarin alles zo makkelijk en mogelijk lijkt en waarin mensen paradoxaal genoeg haast conformistischer zijn dan ooit, is een geestelijke ‘klokkenluider’ misschien meer nodig dan ooit…

Vaders en moeders

Katholieken hebben 3 vaders en 3 moeders:

1. Hun eigen aardse vader
2. De heilige vader de Paus
3. God de Vader

1. Hun eigen aardse moeder
2. De Heilige Moeder de Kerk
3. De heilige maagd Maria

Onze eigen aardse vader en moeder hebben ons het leven hier op aarde geschonken.

God de Vader heeft dit leven hier op deze door Hem geschapen aarde mogelijk gemaakt en heeft ons, met de medewerking van de heilige maagd Maria, door zijn Zoon Jezus Christus de poort naar het eeuwig leven geopend.

Christus leeft als Mystiek Lichaam voort in de gestalte van de Heilige Moeder de Kerk, die als Zijn Bruid ook de bruid is van de priesters en de bisschoppen, die ons, onder leiding van onze heilige vader de Paus, door de sacramentele genademiddelen laten deelhebben aan de door Hem bewerkte verlossing.

God bewijzen…?

Over het algemeen gaat men er vanuit dat het bestaan van God niet te bewijzen valt.
Dat is in zoverre waar, dat God niet te bewijzen valt op de manier waarop men bijv. een wiskundige stelling of het bestaan van een bepaalde planeet bewijst. Wat hierbij echter vaak verzwegen wordt, is dat op die manier ook niet kan worden aangetoond dat God niet bestaat!

Natuurwetenschappelijk
De (natuur)wetenschapelijke methoden kunnen dus noch het xc3xa9xc3xa9n, noch het ander aantonen. Dit komt omdat deze wetenschappen louter werken met dingen die op xc3xa9xc3xa9n of andere manier waarneembaar zijn: dingen die men kan zien, voelen, tellen, meten of wegen. En God is nu per definitie niet ‘iets’ wat tastbaar is… Daarom heeft het ook eigenlijk helemaal geen zin om met (natuur)wetenschappelijke methoden naar God te zoeken… van tevoren staat vast dat Hij met die methoden gewoonweg niet gevonden kan worden!

Filosofisch
Ook de filosofie, waarin ook wordt nagedacht over de dingen die niet tastbaar zijn, kan het bestaan van God niet onomstotelijk bewijzen. Het is goed om ons daarbij ook eens te realiseren dat de filosofie ook niet kan bewijzen dat de wxc3xa9l zichtbare en tastbare dingen bestaan!
Dat er appels zijn en peren en auto’s kan namelijk ook niet met louter filosofische argumenten aantoonbaar worden gemaakt. Dat we er zeker van zijn dat zulke dingen toch bestaan, is omdat we ze met onze zintuigen kunnen ervaren.

Combinaties
Om het in de lijn van de beroemde Duitse filosoof Emmanuel Kant (1724-1804) te formuleren: zekere kennis over de aardse, materixc3xable dingen kunnen wij slechts krijgen door de combinatie van (de begrippen van) ons verstand en (de aanschouw- ingen van) onze zintuigen.
We kunnen ons verstand echter ook gebruiken zonder dat daar zintuigelijke waarnemingen aan te pas komen. Denk daarbij vooral aan het denken over wat goed en rechtvaardig is, over normen en waarden.
Tenslotte kunnen we ons verstand ook nog combineren met onze gevoelens en emoties, met name die van schoonheid en harmonie, geluk en liefde.

Drie manieren
Zo zijn er dus drie manieren waarop we ons verstand kunnen gebruiken (in combinatie met onze zintuigen, met gevoelens en geheel zelfstandig). Is het dan niet vreemd om God te willen bewijzen (of ontkennen!) vanuit slechts 1 van deze drie manieren (nl. verstand + zintuigen)… de manier die specifiek betrekking heeft op de tastbare, zichtbare, kortom materixc3xable dingen…?
Dat is inderdaad dermate kortzichtig, dat het er haast op lijkt dat de mensen die dat proberen, ons voor de gek houden, danwel ons zand in de ogen willen strooien… Immers: als God bestaat, dan is Hij per definitie niet materieel van aard en is Hij volmaakt en alomvattend en moeten we dus op z’n minst alle drie de manieren gebruiken om ook maar enigszins in Zijn richting te komen…!

Combinatie
De filosoof Kant heeft dat, strikt rationeel, gedaan en kwam tot de conclusie dat als men het verstand op alle drie de manieren gebruikt, het bestaan van God zeer waarschijnlijk wordt: als synthese van de zintuigelijke waarnemingen, als een postulaat van de praktische rede (verantwoordelijk voor rechtvaardigheid) en als de eenheid die de esthetische oordeelskracht in de ervaring van het sublieme oproept.
Met andere woorden: als men het verstandelijke denken niet louter combineert met wat zintuigelijk kenbaar is, maar ook met dat wat rechtvaardigheid en schoonheid ons ingeven, dan komt men al een heel eind dichter bij het bestaan van God…

Drie wegen
De indeling in en combinatie van waarheid (lat.: verum), goedheid (lat.: bonum) en schoonheid (lat.: pulchrum) is geen uitvinding van Kant, maar werd al in de Middel- eeuwen gehanteerd. Waarheid, goedheid en schoonheid waren drie wegen die elk op hun eigen manier naar God leidden en tezamen genomen Diens bestaan evident en zelfs logisch maakten.
Op meer populaire wijze werden deze drie ‘wegen’ een paar jaar geleden door de KRO nog (zij het op waterige wijze) als campagnethema gebruikt om de katholieke identiteit van deze omroep nieuwe glans te geven.

Historische context
Gold in de Middeleeuwen, door de combinatie van waarheid, goedheid en schoonheid, het bestaan van God als onomstotelijk, sinds de 17e eeuw kwam daar langzaam maar zeker verandering in. Vanaf toen werden die drie manieren of wegen namelijk niet meer tegelijk en tezamen behandeld en beoefend, maar werden ze van elkaar gescheiden: de waarheid werd het terrein van de (natuur)wetenschappen, de goedheid het terrein van de nationale overheden en de schoonheid het terrein van de vrije kunstenaars.
De meeste geleerde mensen gingen zich meer en meer concentreren op alles wat zintuigelijk kenbaar is, wat ertoe leidde dat de (natuur)wetenschappen sindsdien een enorme vlucht hebben genomen, er grote ontdekkingen werden gedaan en vele spectaculaire vooruitgangen werden geboekt.
Keerzijde was echter dat de combinatie met rechtvaardigheid en vooral met de schoonheid nogal op de achtergrond is geraakt. Niet geheel toevallig valt deze ontwikkeling precies samen met de secularisatie: hoe meer men de nadruk ging leggen op wat zintuigelijk waarneembaar is (op de empirische wetenschap e.d.), hoe minder men in God is gaan geloven.
Omgekeerd zien we dat in veel andere culturen, waar men minder legt nadruk op zintuigelijke waarneming, maar meer op wat met rechtvaardigheid en schoonheid te maken heeft, mensen doorgaans ook veel geloviger zijn…